Een veilige omheining kiezen voor geiten en schapen
Een veilige omheining voor geiten en schapen vraagt meer aandacht dan alleen een paar palen en draden. Beide diersoorten hebben andere gewoonten, een andere vacht en een andere neiging om grenzen te testen. Geiten klimmen, duwen en knabbelen graag, terwijl schapen vooral bescherming nodig hebben tegen ontsnappen en roofdieren. Met de juiste afrastering houdt u uw dieren veilig binnen, voorkomt u schade aan de omgeving en maakt u het dagelijkse beheer eenvoudiger.
Begin met het gedrag en de grootte van uw dieren
Geiten zijn doorgaans de meest veeleisende dieren als het om afrastering gaat. Ze kunnen verrassend hoog springen, zich door kleine openingen wringen en tegen een hek leunen om bladeren aan de andere kant te bereiken. Vooral nieuwsgierige, jonge of gehoornde geiten testen een zwakke omheining snel uit.
Voor volwassen geiten is een hoogte van minstens 120 centimeter verstandig. Bij atletische rassen, bokken of dieren die al eens zijn ontsnapt, biedt 140 tot 150 centimeter meer zekerheid. Kies bij voorkeur voor stevig gaas met kleine mazen, zodat koppen en poten niet vast kunnen raken. Een maaswijdte van ongeveer 5 bij 10 centimeter is vaak geschikt.
Schapen springen meestal minder hoog, maar kunnen onder een hek door kruipen wanneer de onderste draad of het gaas niet goed aansluit. Hun dikke wol maakt elektrische afrastering soms minder betrouwbaar, omdat de stroom minder goed contact maakt met de huid. Daarom werkt een combinatie van degelijk gaas en een elektrische draad vaak goed.
Houd ook rekening met lammeren en geitenlammeren. Zij passen door openingen waar volwassen dieren niet doorheen kunnen. Een veilige omheining heeft daarom geen grote mazen aan de onderzijde en sluit goed aan op de bodem.
Stevig gaas vormt de basis van een betrouwbare afrastering
Voor een vaste weide is schapengaas of knoopgaas doorgaans een praktische keuze. Dit type gaas is bestand tegen druk en blijft beter in vorm dan licht kippengaas. Kippengaas is te dun voor geiten en kan bij herhaald duwen vervormen of breken.
Plaats houten hoekpalen altijd diep en stevig in de grond. Hoekpunten en poorten krijgen veel trekkracht te verwerken, zeker wanneer het gaas strak wordt gespannen. Gebruik voor lange zijden tussenpalen van hout, kunststof of metaal. De afstand tussen de palen hangt af van het terrein en het soort gaas, maar ligt vaak tussen 3 en 5 meter.
Let vooral op deze punten:
- Span het gaas voldoende strak, zonder het materiaal te beschadigen.
- Werk scherpe draaduiteinden weg of buig ze naar buiten.
- Zorg dat de onderrand vlak boven de grond staat of enkele centimeters is ingegraven.
- Controleer na storm, vorst of zware regen of palen nog recht staan.
- Kies een poort die even hoog en sterk is als de rest van de omheining.
Een zwakke poort is vaak het eerste ontsnappingspunt. Geiten leren snel hoe een eenvoudige grendel werkt. Gebruik daarom een sluiting die niet met een neus, tong of hoorn kan worden opengeduwd. Een extra karabijnhaak of veiligheidsclip voorkomt veel problemen.
Elektrische draden maken de grens voor dieren duidelijker
Elektrische afrastering is geen vervanging voor degelijk gaas bij geiten en schapen, maar wel een waardevolle aanvulling. Een goed geplaatste stroomdraad leert dieren afstand te houden van het hek. Daardoor neemt de druk op het gaas af en blijft de afrastering langer intact.
Bij geiten kunt u een elektrische draad aan de binnenzijde plaatsen, ongeveer 20 tot 30 centimeter boven de grond. Een tweede draad op borsthoogte is nuttig bij grote of springerige dieren. Plaats de draad met voldoende afstand van het gaas, zodat een dier niet tegelijk tegen beide kan leunen zonder een duidelijke prikkel te voelen.
Voor schapen werkt een draad op neushoogte vaak beter dan een te lage draad die door gras wordt geraakt. Maai begroeiing onder de afrastering regelmatig weg. Lang gras, takken en natte bladeren kunnen stroom afvoeren, waardoor de spanning sterk daalt.
Gebruik een schrikdraadapparaat dat past bij de lengte van uw afrastering en de begroeiing rondom het perceel. De Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit geeft aandachtspunten over veilige elektrische afrasteringen, waaronder zichtbaarheid en technische veiligheid, via de richtlijnen voor afrasteringen.
Bescherming tegen roofdieren vraagt om extra maatregelen
In sommige gebieden is bescherming tegen roofdieren een serieuze overweging. Vossen vormen vooral een risico voor jonge lammeren, terwijl wolven in bepaalde regio’s ook volwassen schapen en geiten kunnen aanvallen. Een laag, slap hek houdt een roofdier niet altijd tegen.
Een omheining met meerdere stroomdraden, dicht bij elkaar aan de onderzijde, biedt meer bescherming. De onderste draad moet laag genoeg hangen om te voorkomen dat een dier onder het hek door kruipt. Bij vaste wolfwerende rasters wordt vaak gewerkt met meerdere stroomvoerende draden en een voldoende hoge bovenzijde.
Zet jonge dieren ’s nachts indien mogelijk in een goed afgesloten stal of nachtweide. Controleer ook of er geen greppels, houtstapels of verhogingen vlak naast het hek liggen. Zulke plekken maken het makkelijker om over of onder de afrastering te komen.
Regelmatig onderhoud voorkomt ontsnappingen en verwondingen
Een veilige afrastering blijft alleen veilig wanneer u deze regelmatig nakijkt. Loop minstens wekelijks langs de volledige omheining. Doe dit vaker wanneer er jonge dieren zijn, na extreem weer of wanneer een dier ongewoon gedrag vertoont.
Controleer op losse palen, doorgezakt gaas, kapotte isolatoren en begroeiing tegen stroomdraden. Kijk ook naar de conditie van de dieren. Wonden aan de kop, beschadigde hoorns of wol die aan het hek blijft hangen kunnen wijzen op een ongeschikte constructie.
Parasieten zijn een ander aandachtspunt bij weidebeheer. Door dieren tijdig te controleren en weides verstandig te gebruiken, beperkt u gezondheidsproblemen in de kudde. Lees ook hoe u Tekenen van parasieten bij kippen herkennen kunt toepassen als algemene leidraad voor dagelijkse observatie van dieren.
Een passende omheining geeft rust aan dier en houder
De beste keuze combineert een sterk fysiek hek met passende elektrische afschrikking, afgestemd op de diersoort en het terrein. Wie vanaf het begin investeert in goede palen, degelijk gaas en een veilige poort, bespaart later reparaties en zoektochten naar ontsnapte dieren.
De belangrijkste aandachtspunten zijn:
- Kies een hekhoogte die past bij geiten of schapen.
- Gebruik stevig gaas met veilige, kleine mazen.
- Voeg elektrische draden toe om duwen en onderdoor kruipen te beperken.
- Besteed extra aandacht aan hoeken, poorten en de onderzijde van het hek.
- Inspecteer de afrastering regelmatig en verwijder begroeiing bij stroomdraden.
- Pas de beveiliging aan wanneer roofdieren in uw omgeving voorkomen.